Paaswensen voor een warme lentegroet
Een paasgroet kan gaan over eitjes zoeken, samen eten of gewoon even rust vinden. Hier vind je paaswensen die je kan kopiëren of op een gratis kaart zetten. Stuur je kaart via WhatsApp of e-mail naar familie, vrienden of collega’s.
Kort
-
Lieve [naam],
zalig Pasen, met veel liefs! -
Hey [naam]!
Veel zoekplezier en lekkere paaseitjes! -
Dag [naam],
een zalig en zonnig paasfeest gewenst! -
Hallo [naam],
fijne paasdagen, en laat het je smaken! -
Zalig Pasen, [naam]!
Vandaag mag alles een beetje trager. -
Een dikke paasknuffel voor jou, [naam]!
-
Geniet van het paasontbijt, [naam].
Blijf gerust nog wat langer aan tafel zitten. -
Zalig Pasen!
Ik hoop dat je vandaag omringd bent door wie je graag ziet. -
[naam], ik denk aan je deze Pasen.
Ook van ver ben je dichtbij. -
Vrolijk Pasen!
Hopelijk hebben de klokken iets lekkers voor je meegebracht. -
Een paasgroet voor jou, [naam],
gewoon omdat ik je graag zie. -
Zalig Pasen!
Trek je wandelschoenen aan en ga de lente tegemoet. -
Fijne Pasen, [naam]!
Laat je vandaag maar eens verwennen. -
Een fijn paasfeest voor jullie allemaal!
Doe iedereen de groeten van mij. -
Zalig Pasen, [naam].
Ik wens je nieuwe moed voor wat voor je ligt. -
Een vrolijke paasgroet!
Hopelijk is er vandaag veel kindergelach in de tuin. -
Fijne paasdagen!
Tijd voor koffie en een goed gesprek. -
Lieve [naam],
met Pasen mis ik je nog wat meer.
Een dikke kus van hier. -
Zalig Pasen!
Laat de afwas maar even staan en geniet van het bezoek. -
Een klein kaartje, speciaal voor jou.
Zalig Pasen, [naam]! -
Fijne Pasen!
Ik wens je een plekje in de zon en een boek dat je niet loslaat. -
Zalig Pasen, [naam]!
Ik hoop dat we gauw nog eens samen aan tafel zitten. -
Een vredevol paasfeest gewenst.
Dat de paasboodschap je hoop mag geven. -
Vrolijk Pasen, [naam]!
Er mag gerust een extra eitje bij de koffie. -
Geniet van paasmaandag!
Nog een dagje helemaal voor jezelf. -
Zalig Pasen!
Ik wens je een huis vol volk en tijd voor iedereen. -
Lieve [naam],
een zachte paasdag gewenst,
met ruimte voor wie je mist. -
Fijne Pasen, [naam]!
Hopelijk staat jouw lievelingsgerecht op tafel. -
Een paasgroet en een welgemeende merci, [naam].
Fijn dat jij er bent. -
Zalig Pasen!
Hopelijk kan de koffie vandaag buiten gedronken worden. -
Fijne paasdagen, [naam].
Ik wens je vooral wat rust in je hoofd. -
Zalig Pasen aan jou en je gezin!
Maak er samen een mooie herinnering van. -
Vrolijk Pasen!
Veel plezier met eitjes schilderen en verstoppen. -
Zalig Pasen, [naam].
Ik wens je beterschap en toch een beetje feest vandaag. -
Een bloemetje op tafel, een eitje op je bord.
Meer moet dat met Pasen soms niet zijn. -
Zalig Pasen!
Ik hoop dat er vandaag iemand onverwacht bij je aanklopt. -
Fijne Pasen, [naam]!
Een spelletje na het eten en iedereen doet mee. -
Lieve [naam],
ook als je moet werken: zalig Pasen!
Hopelijk wacht er straks iets lekkers op je. -
Zalig Pasen!
Wat je ook gepland hebt, geniet ervan op jouw manier. -
Een vrolijk paasfeest, [naam]!
Ik wens je een dag waar je morgen nog van nageniet.
Warm
-
Lieve [naam],
ik wens je fijne paasdagen
met de eerste lentezon, een gezellige tafel
en mensen die je graag ziet. -
Lieve [naam],
de lente is in het land en Pasen staat voor de deur.
Ik denk aan je en wens je mooie dagen
vol licht en nieuwe moed. -
Lieve [naam],
zalig Pasen!
Ik hoop dat je kan genieten van een rustig weekend
en een wandeling tussen de bloesems. -
Lieve [naam],
Pasen is het feest van een nieuw begin.
Ik wens je een lente vol warme momenten
en veel zonnige dagen. -
Dag [naam],
met Pasen zou ik graag even bij je binnenlopen.
Dat lukt vandaag niet, dus stuur ik je langs hier
een dikke knuffel en veel liefs. -
Zalig Pasen, [naam]!
Ik hoop dat er vandaag ook eens voor jou gezorgd wordt.
Je staat zo vaak klaar voor anderen.
Laat je maar wat verwennen. -
Hey [naam]!
Ik wens je een paasdag zonder haast,
met een lang ontbijt en tijd voor wat je graag doet.
Vandaag mag alles een beetje trager. -
Met Pasen denk ik terug aan vroeger,
toen we samen eitjes zochten en de buit verdeelden.
Dat blijven mooie herinneringen.
Ik hoop dat we er nog veel mogen bijmaken. -
[naam],
ik weet dat deze paasdagen anders zijn dan je had gehoopt.
Je hoeft er voor mij geen vrolijk verhaal van te maken.
Ik denk aan je, ook vandaag. -
Hallo [naam],
een paaswens voor iemand die me dierbaar is.
We zeggen het niet elke dag,
maar ik ben heel blij dat jij in mijn leven bent. -
Zalig Pasen!
Ik hoop dat jullie nog lang aan tafel blijven zitten,
ook als de borden al leeg zijn.
Er is altijd wel iets om over te praten. -
Dag [naam],
misschien vier je Pasen vandaag in alle stilte.
Ik wou je toch even laten weten
dat er iemand met veel liefde aan je denkt. -
Lieve [naam],
met Pasen wens ik je vooral beterschap.
Ik hoop dat je je gauw weer sterk genoeg voelt
om buiten van de lente te genieten. -
Een zalig paasfeest voor jullie allemaal!
Ik hoop dat het huis gevuld is met vertrouwde stemmen,
dat er gelachen wordt en dat iedereen
met een blij gevoel naar huis gaat. -
Hoi [naam],
hoe groot de afstand ook is,
met Pasen ben je er in mijn gedachten gewoon bij.
Ik kijk al uit naar onze volgende knuffel. -
Zalig Pasen, [naam]!
Bedankt voor de keren dat je naar me luistert,
ook als ik niet goed uit mijn woorden kom.
Dat betekent meer voor me dan je misschien denkt. -
Dag [naam],
voor deze paasdagen wens ik je wat ademruimte.
Even geen volle agenda, even niets dat moet.
Ik hoop dat het je deugd doet. -
Met Pasen mis ik onze mensen van vroeger wat meer.
Ik denk aan hun verhalen en hun plaats aan tafel.
Fijn dat we die herinneringen met elkaar kunnen delen.
Veel liefs voor jou vandaag. -
Lieve [naam],
ik wens je een zalig paasfeest
en hoop dat de vreugde van Pasen
je geloof en vertrouwen versterkt. -
Hey [naam]!
Ik hoop dat er dit paasweekend tijd is
voor een kop koffie samen.
Bij jou kan ik altijd helemaal mezelf zijn. -
Een warme paasgroet voor jou, [naam].
Je hebt veel achter de rug.
Ik wens je dagen waarop het wat lichter voelt
en je weer zin krijgt om plannen te maken. -
Zalig Pasen!
Ik wens jullie veel plezier met het zoeken naar eitjes.
Die blije gezichten, die kleine handen vol chocolade:
ik hoop dat jullie er samen volop van genieten. -
Dag [naam],
wat fijn dat we elkaar hebben leren kennen.
Met Pasen stuur ik je graag een warme groet.
Ik hoop dat we elkaar nog vaak zullen zien. -
[naam], zalig Pasen!
Ik wens je een paar dagen waarop je kan kiezen:
gezelschap als je daar zin in hebt,
en rust als je die nodig hebt. -
Lieve [naam],
het liefste paasgeschenk is voor mij
dat we dit feest samen kunnen vieren.
Ik ben blij met jou naast me. -
Hallo [naam],
met Pasen wil ik je bedanken
voor al die keren dat ik bij jou mocht aanschuiven.
Bij jou voel ik me altijd welkom. -
Ik wens je een zalig paasfeest, [naam].
Hopelijk brengt deze lente goed nieuws
waar je al een tijd naar uitkijkt.
Ik hoop met je mee. -
Dag [naam],
Pasen in een nieuw huis voelt vast nog wat onwennig.
Ik wens je een mooie eerste paasdag daar,
met mensen die het meteen vertrouwd doen voelen. -
Veel liefs met Pasen!
Ik hoop dat je buiten een plekje in de zon vindt,
waar je even kan blijven zitten
en tevreden om je heen kan kijken. -
Lieve [naam],
er is iemand die je deze Pasen heel erg mist.
Ik wou dat ik dat gemis wat zachter kon maken.
Weet dat je me altijd mag bellen. -
Zalig Pasen, [naam]!
Ik wens je een dag met je lievelingseten
en iemand die nog weet hoe je je koffie drinkt.
Het is fijn als mensen je zo goed kennen. -
Dag [naam],
ook als jij met Pasen aan het werk bent,
hoop ik dat er een fijn moment voor jou bij is.
We halen ons samenzijn nog wel in. -
Een dikke paasknuffel voor jou!
We hoeven geen groot feest te maken
om het goed te hebben samen.
Gewoon bijpraten met jou is voor mij al genoeg. -
Hoi [naam],
met Pasen denk ik met plezier aan onze vriendschap.
Soms horen we elkaar een tijd niet,
maar zodra we praten, voelt het weer vertrouwd. -
Zalig Pasen voor jou en iedereen die je lief is.
Ik hoop dat het goed gaat met jullie
en dat we binnenkort nog eens samen kunnen zijn.
Jullie worden hier gemist. -
[naam],
ik wens je met Pasen vertrouwen in wat voor je ligt.
Je hoeft nog niet alle antwoorden te hebben.
Ik blijf graag naast je staan. -
Dag [naam],
veel liefs voor jullie eerste Pasen met de kleine.
Tussen de voedingen en de korte nachten door
wens ik jullie vooral veel tijd om samen te genieten. -
Een zalig paasfeest, [naam]!
Ik hoop dat je vandaag je zorgen even kan delen
met iemand bij wie je je goed voelt.
Je hoeft niet alles alleen te dragen. -
Lieve [naam],
met Pasen denk ik aan alles wat je me hebt meegegeven:
je zorg, je geduld en het gevoel dat ik altijd terechtkan.
Daar ben ik je nog elke dag dankbaar voor. -
Dag [naam],
misschien komt dit kaartje net tussen het koken
en het dekken van de paastafel.
Vergeet zelf ook niet te gaan zitten en mee te genieten!
Paaskaarten voor je lentegroet
Grappig
-
Lieve [naam],
zalig Pasen!
De paashaas vroeg me om te zeggen
dat chocolade deze week niet meetelt. -
Lieve [naam],
zalig Pasen!
Goede raad: zoek je eitjes vroeg,
voordat iemand anders ze allemaal opeet. -
Lieve [naam],
de klokken zijn terug uit Rome,
hopelijk met genoeg chocolade voor ons allebei.
Zalig Pasen! -
Dag [naam],
zalig Pasen! Ik heb de eitjes dit jaar heel goed verstopt.
Als ik zelf weer weet waar, laat ik iets weten. -
Zalig Pasen, [naam]!
De kinderen zoeken eitjes. De grote mensen zeggen waar ze moeten kijken.
Zo winnen ze toch nog een beetje mee. -
Hey [naam]!
Ik wou je een chocolade-ei sturen voor Pasen.
Het is een kaartje geworden. Dat smelt tenminste niet in mijn handen. -
Zalig Pasen!
Ik heb een wortel klaargelegd voor de paashaas.
Als hij die laat liggen, weet ik genoeg over zijn goede voornemens. -
[naam],
met Pasen eet ik mijn chocoladehaas altijd eerst bij de oren op.
Dan hoort hij niet hoeveel er nog volgt. Laat het je smaken! -
Fijne paasdagen!
De eitjes zijn eerlijk verdeeld: één voor jou, één voor mij.
Dat ene voor jou ligt veilig bij mij. -
Hallo [naam],
voor de paasbrunch heb ik alvast een broek klaargelegd.
Die met de meeste ervaring. Geniet ervan! -
Zalig Pasen!
Er staat een schaaltje paaseitjes voor het bezoek.
Het bezoek zal zich wel moeten haasten. -
Dag [naam],
met Pasen gaat iedereen enthousiast de tuin in om te zoeken.
Ik probeer dat volgende week nog eens met het onkruid. -
Zalig Pasen, [naam]!
De paashaas mag gerust binnenkomen.
Als hij zijn poten maar veegt: ik heb net gekuist. -
Fijne Pasen!
De kinderen hebben alle eitjes gevonden.
Nu nog iemand die zo enthousiast naar mijn bril zoekt. -
Hoi [naam],
zalig Pasen! De klokken komen uit Rome met chocolade.
Ik kwam van mijn laatste reis alleen met vuile was terug. -
Zalig Pasen!
Ik zou een foto sturen van onze mooi gedekte paastafel,
maar iedereen had al honger. -
[naam], geniet van de paasdagen!
Een chocolade-ei breken zonder kruimels kan ik nog altijd niet.
Ik blijf oefenen. -
Zalig Pasen!
Dit jaar zoeken we de eitjes binnen.
De regen mag veel verpesten, maar hij krijgt mijn chocolade niet. -
Dag [naam],
voor Pasen heb ik witte, bruine en zwarte chocolade gekocht.
Een mens moet gevarieerd eten. Laat het je smaken! -
Vrolijk Pasen, [naam]!
Verstop de eitjes gerust wat hoger dit jaar.
Dan maken de volwassenen ook eens kans. -
Zalig Pasen!
De paasversiering staat prachtig.
Alleen die chocoladehaas wordt elke dag een stukje kleiner. -
Hey [naam],
zalig Pasen! Ik heb een wandeling gepland na het eten.
Van de tafel naar de zetel. Met een tussenstop bij de eitjes. -
Fijne paasdagen!
Op de verpakking staat hoeveel paaseitjes een portie is.
Ik wist niet dat ze daar ook mopjes op drukten. -
Zalig Pasen, [naam]!
Ik hoop dat je eitjes vindt in elke hoek.
Behalve achter de zetel. Die zijn misschien nog van vorig jaar. -
Zalig Pasen!
Ik heb de hond gevraagd om te helpen zoeken.
We hebben nu drie takken en een oude tennisbal. -
Hallo [naam],
we eten met Pasen iets kleins, hadden we afgesproken.
Iedereen heeft iets kleins meegebracht. Voor twaalf personen. -
Zalig Pasen!
De paashaas heeft geen sleutel en raakt toch overal binnen.
Ik sta al buiten als de deur dichtwaait. -
[naam], fijne paasdagen!
Ik bewaar het mooiste paasei altijd tot het laatst.
Dat was dit jaar tot halfelf. -
Zalig Pasen!
Een gevuld paasei is toch altijd een verrassing.
Vooral als het leeg blijkt en iemand je voorgeweest is. -
Dag [naam],
zalig Pasen! Ik heb de paaseitjes geteld voor het bezoek kwam.
Een fout die ik volgend jaar niet meer maak. -
Fijne Pasen, [naam]!
Bij de paasbrunch zegt iedereen dat er echt niets meer bij kan.
Tot de taart op tafel komt. Dan schuift alles vanzelf een beetje op. -
Zalig Pasen!
De kleinkinderen mogen de eitjes zoeken.
Ik zit op de bank en keur alles wat ze vinden. Zwaar werk, hoor. -
Hey [naam]!
Met Pasen mag je gerust uitslapen.
Als je liever zilverpapier vindt dan chocolade, tenminste. -
Zalig Pasen!
Ik vroeg aan de paashaas een bescheiden voorraad.
Gelukkig verstond hij mij niet goed. -
Zalig Pasen, [naam]!
Ik heb voor iedereen een eitje met de naam erop.
Zo weet ik straks tenminste van wie ik er eentje heb opgegeten. -
Fijne paasdagen!
Ik had de eitjes verstopt in de wasmand.
Blijkbaar kijkt daar zelfs met Pasen niemand in. -
Dag [naam],
zalig Pasen! Mijn chocoladehaas staat nog netjes in zijn doos.
Je moet alleen niet achter het karton kijken. -
Zalig Pasen!
We zouden eerst een familiefoto maken en dan eitjes zoeken.
Op de foto staan nu alleen de volwassenen. -
[naam], zalig Pasen!
Ik wens je een rustig ontbijt.
En iemand anders die ontdekt dat de eitjes nog niet hardgekookt zijn. -
Zalig Pasen!
Ik heb een klein mandje meegenomen om niet te veel eitjes te rapen.
Gelukkig had mijn jas nog zakken.
Op rijm
-
Lieve [naam],
de merel zingt, de bloesem bloeit,
de wereld ontwaakt en alles groeit.
Zalig Pasen! -
Lieve [naam],
een mandje vol eitjes, voor jou bij de deur,
van chocolade en in elke kleur.
Zalig Pasen! -
Lieve [naam],
de zon komt piepen, de lente is daar,
het mooiste seizoen van het hele jaar.
Zalig Pasen! -
Dag [naam],
geen wekker die je wakker maakt,
een paasontbijt dat heerlijk smaakt.
Geniet met Pasen van de rust,
met tijd voor alles wat je lust. -
Zalig Pasen, [naam]!
Een stoel voor jou staat altijd klaar,
ook deze keer, ook volgend jaar. -
Hey [naam]!
Een eitje hier, een eitje daar,
hoe krijg je dat toch voor elkaar?
Je mand zit vol, je mond nog meer:
zo lust jij Pasen elke keer! -
Met Pasen denk ik even terug
aan hoe jij eitjes vond, zo vlug.
Ik zocht nog onder elke struik,
jij had ze al haast in je buik. -
Hallo [naam],
de paastafel is mooi gedekt,
de geur van koffie heeft me gewekt.
Ik schuif wat dichter naar je toe:
vandaag zijn we het praten niet moe. -
Een paaswandeling, hand in hand,
langs jonge blaadjes aan de waterkant.
Geen grootse plannen, geen vertoon,
zo samen zijn is al zo schoon. -
[naam],
een paasei past niet in dit bericht,
wel een lach voor op je gezicht.
En als we straks eens samen eten,
zal ik de eitjes niet vergeten. -
De klokken zijn weer thuisgekomen,
met al dat lekkers mee uit Rome.
Ik hoop dat ze je niet vergeten
en jij met Pasen goed mag eten! -
Hoi [naam],
ik had de eitjes goed verstopt,
maar iemand heeft me toch gefopt.
De doos is leeg, geen spoor, geen kruim.
De hond kijkt weg. Mijn broer likt zijn duim.
Zalig Pasen! -
Lieve [naam],
laat buiten maar de regen gaan,
met Pasen schuif ik bij je aan.
We schenken thee, we zijn weer samen:
wat geeft die regen op de ramen? -
Een krokus en een jonge knop,
de tuin leeft na de winter op.
Met Pasen komt er kleur bij kijken:
zelfs grijze dagen moeten wijken. -
Dag [naam],
ik wens je deze Pasen moed,
en iemand die je deugd doet.
Een lief gebaar, een luisterend oor:
zo kan je er weer even door. -
De paashaas had zich goed verstopt,
maar heeft toch aan mijn deur geklopt.
Hij was zijn laatste eitje kwijt.
Ik zei: ‘Dat spijt me.’ Zonder spijt. -
Zalig Pasen! Ik eet graag
een eitje meer dan anders vandaag.
En blijft er eentje eenzaam staan,
dan trek ik me zijn lot wel aan. -
[naam],
er staat een bord voor jou al klaar,
met Pasen zijn we bij elkaar.
Schuif aan, vertel, neem nog wat bij:
een feest wordt mooier met jou erbij. -
Met Pasen laat ik alles staan
om even met je mee te gaan.
We volgen samen het smalle pad:
zo weg van alles, dat doet wat. -
Hey [naam],
het kleinste eitje is voor mij,
het allergrootste krijg jij erbij.
Maar als je ruilen wil vandaag,
dan doe ik dat natuurlijk graag! -
Geen paasei is zo zoet als jij,
geen lentedag zo mooi voor mij
als eentje waarop wij samen zijn,
al is ons paasfeest nog zo klein. -
De paasbloemen staan in een vaas,
ernaast een chocoladehaas.
De bloemen krijgen alle tijd,
de haas is straks zijn oren kwijt. -
Dag [naam],
je woont helaas niet om de hoek,
anders kwam ik op paasbezoek.
Nu stuur ik je van hier een zoen,
we hebben nog zoveel samen te doen. -
Het kuiken tikt de schaal kapot
en waggelt uit zijn kleine kot.
Het piept alsof het zeggen wil:
‘Met Pasen zit ik niet meer stil!’ -
Zalig Pasen, lieve schat,
kijk eens wat ik voor je had:
een kus, een ei, een dikke knuffel erbij.
De liefste van de wereld, dat ben jij. -
Hallo [naam],
je boek ligt klaar, de thee trekt goed,
met Pasen is er niets dat moet.
En hoor je buiten vogels fluiten,
lees dan gewoon wat verder buiten. -
Met Pasen kijken we vooruit,
het jonge groen loopt overal uit.
Ik wens je hoop, een nieuw begin,
en in de dagen weer wat zin. -
De eitjes lagen op een rij,
ik dacht: die zijn voor jou en mij.
Maar kijk, de kinderen zijn al daar…
Ik leg voor ons twee eitjes klaar.
Zalig Pasen! -
[naam],
een paasbrood met een krokante korst,
een glas vers sap tegen de dorst.
Ik snij voor jou een dikke snee,
schuif aan en eet maar lekker mee. -
Lieve [naam],
met Pasen brandt een kaarsje zacht,
voor wie je mist, aan wie je dacht.
Je hoeft vandaag niet flink te zijn,
ik denk aan jou, ook aan je pijn. -
Dag [naam],
geen boodschappen, geen volle tas,
geen berg papier, geen grote was.
Met Pasen mag je rustig leven:
het werk kan wachten, al is het even. -
Het konijn heeft lange oren,
het kan je in de tuin al horen.
Loop zachtjes langs het kippenhok,
daar ligt een eitje op een blok.
Veel plezier met Pasen! -
Zalig Pasen! Zet de stoelen
waar we 't lentezonnetje voelen.
Een kopje koffie, een stuk taart:
dat uurtje samen is veel waard. -
Hoi [naam],
zoek maar waar de bloemen staan,
daar is de paashaas langsgegaan.
Kijk goed, er liggen hier en daar
wat zoete schatten voor je klaar. -
Met Pasen hoef je niets te geven,
kom gewoon eens langs, al is het even.
Je hoeft geen bloemen mee te dragen:
vertel maar hoe het gaat de laatste dagen. -
[naam],
we verven eitjes, jij en ik,
een streep, een stip, een vrolijke blik.
Geen ei is als een ander hier:
we wensen jou veel paasplezier! -
Een paasdag zonder groot gedoe,
wat rust, daar ben je vast aan toe.
Je zorgt zo vaak voor iedereen,
dit kaartje is voor jou alleen. -
De tuin ruikt fris na al die regen,
we komen weer de buren tegen.
Ik wens je met dit paasgedicht
een dag vol buitenlucht en licht. -
Met Pasen klinkt het klokkenspel,
het oude lied herken je wel.
Ik wens je vrede, diep vanbinnen,
en hoop om telkens te beginnen. -
Het paasfeest is zo weer voorbij,
maar neem er iets van mee voor mij:
de tijd om even stil te staan,
om minder haastig door te gaan.
In 't dialect
-
Lieve [naam],
zalig Pasen, hé!
Ik hoop dat de klokken goed hun best gedaan hebben
en dat er veel eitjes in uwen hof liggen. -
Lieve [naam],
allee, 't is weer Pasen!
Laat het u smaken
en doet ne schone wandeling in de zon. -
Zalig Pasen, [naam]!
Vandaag moogt ge gerust wat langer aan de ontbijttafel blijven zitten.
Er moet al genoeg op een ander. -
Hey [naam]!
Ik wens u een paasdag met volk dat ge graag ziet
en een stoel waar ge niet te rap uit moet komen. -
Dag [naam],
met Pasen denk ik toch eens extra aan u.
Ge krijgt een dikke knuffel van hieruit! -
Allez, de paaseitjes liggen er weer.
Ik ging er eentje pakken voor bij de koffie.
't Zijn er drie geworden. Zalig Pasen, hé! -
[naam],
ik hoop dat ge met Pasen eens goed in de watten gelegd wordt.
Ge zorgt al zo dikwijls voor een ander. -
Zalig Pasen!
Zet u efkes buiten als 't zonneke schijnt.
Die afwas loopt toch niet weg. -
Hoi [naam],
veel plezier met het eitjes rapen!
En als ge er eentje mist: kijk eerst eens naar de chocolademondjes. -
Een zalig paasfeest, hé!
Of ge nu met twee aan tafel zit of met heel de familie:
ik hoop dat ge 't goed hebt vandaag. -
Dag [naam],
jammer dat ik met Pasen niet bij u kan zijn.
Ik zou zo graag nog eens naast u zitten en wat bijpraten. -
Zalig Pasen, [naam]!
Hopelijk hebben de klokken ook aan de grote mensen gedacht.
Wij lusten toch ook nog chocolade, zeker? -
Lieve [naam],
voor Pasen wens ik u wat nieuwe moed.
Ge moet niet alles ineens kunnen, hé. Stap voor stap is ook vooruit. -
Hey [naam],
laat de koffie maar doorlopen met Pasen.
Als wij beginnen te vertellen, is één tas toch nooit genoeg. -
't Is Pasen!
Ge moogt de eitjes verstoppen waar ge wilt,
maar die van mij liefst ergens waar ik niet moet bukken. -
Zalige paasdagen, [naam]!
Ik hoop dat ge nog eens kunt doen waar ge goesting in hebt.
Ook als dat gewoon wat in den hof zitten is. -
Dag [naam],
een schoon paasfeest gewenst.
En nen dikke merci dat ge altijd aan mij denkt. Vandaag denk ik aan u. -
Zalig Pasen!
Hier staat al een schaaltje eitjes klaar.
Als ge in de buurt zijt, spring gerust eens binnen. -
[naam],
ge zijt nooit te oud om paaseitjes te zoeken.
Alleen noemen we dat op onze leeftijd liever een wandeling. Zalig Pasen! -
Lieve [naam],
ik weet dat ge met Pasen iemand extra mist.
Ik denk aan u. Ge moogt mij gerust bellen, ook als ge niet veel te zeggen hebt. -
Hey [naam]!
Hopelijk kunt ge met Pasen eens uitslapen.
Tenzij er hier en daar al iemand aan uw bed staat te roepen dat de klokken geweest zijn. -
Zalig Pasen, hé!
Een eitje bij de koffie, een babbel aan de deur:
soms moet ge 't geluk niet ver gaan zoeken. -
Dag [naam],
moet ge werken met Pasen? Dan wens ik u een rustige werkdag
en iets lekkers als ge thuiskomt. Ge hebt het verdiend. -
Amai, [naam], de klokken hebben precies hun hele voorraad hier gelost.
Ik zal mijn best moeten doen.
Zalig Pasen, en laat het u ook smaken! -
Zalig Pasen!
Ik hoop dat er vandaag iemand voor u kookt
en zegt: blijf gij maar zitten, ik doe dat wel. -
[naam],
ik wens u een paasdag zonder gejaag.
Pak uw tijd, ook als de rest al aan zijn tweede eitje zit. -
Hey [naam],
als 't regent met Pasen, zoeken we de eitjes gewoon binnen.
Dan moeten we tenminste onze schoenen niet kuisen achteraf. -
Zalig Pasen, [naam]!
Ik hoop dat ge de kleintjes ziet zoeken vandaag.
Dat gezicht als ze een eitje vinden, daar kunt ge toch van genieten. -
Dag [naam],
met Pasen mag de deur eens open en de frisse lucht binnen.
Dat doet deugd, hé, na zo'n lange winter. -
Lieve [naam],
ik wens u een zalig Pasen.
Ge zijt hier altijd welkom, ook zonder iets mee te brengen. Dat weet ge toch, hé? -
Zalig Pasen!
Bij ons zitten de eitjes dit jaar goed verstopt.
Zo goed dat ik zelf niet meer weet waar. Dat belooft. -
Hoi [naam],
ik hoop dat ge met Pasen nog eens flink kunt lachen
om een verhaal dat ge eigenlijk al van buiten kent. -
Zalige paasdagen!
Ge moet voor mij geen heel paasmenu maken, hoor.
Als we maar eens samen aan tafel kunnen zitten. -
Dag [naam],
ik hoop dat ge met Pasen wat kunt uitrusten.
Leg u gerust efkes in de zetel. Niemand die uw eitjes gaat afpakken. -
[naam], zalig Pasen!
Ge krijgt van mij het grootste chocolade-ei.
Maar als ge het niet opkrijgt, wil ik altijd helpen. -
Een schoon paasfeest gewenst, [naam].
Ik hoop dat ge in deze dagen iets vindt dat u moed geeft.
Soms is een klein beetje hoop al veel, hé. -
Hey [naam],
met Pasen haal ik graag de goeie tassen boven.
Voor mensen zoals gij moeten die niet in de kast blijven staan. -
Zalig Pasen!
Weet ge nog hoe we vroeger om ter meest eitjes raapten?
Ik moet er nog altijd om lachen als ik zo'n mandje zie. -
Dag [naam],
een zalig Pasen voor u en iedereen bij u thuis.
Geef ze allemaal maar ne goeien knuffel van mij. -
Zalig Pasen, [naam]!
Ik wens u een dag waar ge vanavond van zegt:
zie, dat heeft mij nu eens deugd gedaan.
Voor een kind
-
Lieve [naam],
zalig Pasen!
Heb jij al veel eitjes gevonden?
Hou er eentje voor mij over, hé! -
Lieve [naam],
de klokken uit Rome hebben gefluisterd
dat ze iets lekkers voor jou verstopt hebben.
Veel zoekplezier! -
Hey [naam]!
Mandje klaar? Schoenen aan?
De paaseitjes wachten op jou! -
Dag [naam],
ik stuur je een dikke paasknuffel.
Die past niet in een eitje, maar wel op dit kaartje! -
Vrolijk Pasen, [naam]!
Welk eitje eet jij het liefst: wit, bruin of eentje met iets lekkers erin?
Ik hoop dat jouw lieveling erbij zit! -
Hoi [naam],
kijk eens achter de bloempot.
Misschien heeft de paashaas daar iets laten vallen!
Veel plezier met Pasen! -
Zalig Pasen!
Vandaag mag er een beetje chocolade aan je mond hangen.
Dan zien we tenminste dat het gesmaakt heeft! -
Hallo [naam],
geef jij je paaseieren stippen, strepen of gekke gezichtjes?
Ik ben benieuwd naar jouw mooiste ei! -
Lieve [naam],
ook al ben ik er met Pasen niet bij,
ik denk aan jou.
Een dikke zoen van ver! -
Het is Pasen, [naam]!
Ik hoop dat je wakker wordt van de vogeltjes
en daarna iets lekkers vindt bij je ontbijt. -
Voor jou een vrolijk paasfeest
met tijd om te spelen, te lachen
en lekker lang in je pyjama te blijven! -
Hey [naam]!
Als je vandaag een chocoladehaas krijgt,
waar begin je dan: bij zijn oren of zijn staart?
Smakelijk en vrolijk Pasen! -
Dag [naam],
hoor je de paasklokken?
Ze zijn terug!
Ik hoop dat ze ook bij jou iets lekkers gebracht hebben. -
Een mandje vol eitjes is fijn.
Maar met jou erbij is Pasen pas echt een feest! -
Hoi [naam],
veel plezier met eitjes zoeken!
Help je de kleinste zoeker ook een beetje?
Samen vinden jullie vast een heleboel. -
Vrolijk Pasen!
Teken jij vandaag een paashaas?
Geef hem maar heel lange oren,
dan hoort hij je al van ver lachen. -
Lieve [naam],
ik hoop dat je deze Pasen
lekker dicht tegen iemand aan kan kruipen
voor een verhaaltje en een knuffel. -
Zalig Pasen, [naam]!
Trek je jas aan en ga maar kijken
of de eerste bloemetjes al open zijn. -
Hallo [naam],
heb je een paaseitje gevonden dat helemaal alleen ligt?
Neem het maar mee.
In jouw mandje krijgt het vast vriendjes! -
Vandaag is het paasfeest!
Ik wens je een vrolijke dag
met kruimels op je bord en een grote lach. -
Dag [naam],
misschien mag jij helpen met de paastafel.
Een zelfgemaakt kaartje op elk bord?
Dat zou mooi zijn! -
Hey [naam]!
De paashaas kan goed springen.
Kan jij dat ook?
Spring maar vrolijk het paasfeest in! -
Lieve [naam],
je eerste Pasen!
De eitjes kunnen nog even wachten.
Vandaag krijg jij vooral heel veel knuffels. -
Vrolijk Pasen, kleine speurneus!
Zelfs het eitje op het moeilijkste plekje
kan zich vast niet lang voor jou verstoppen. -
Hoi [naam],
ik hoop dat je met Pasen buiten kan spelen
tot je wangen rood zijn
en je buik begint te knorren. -
Zalig Pasen!
Een geel kuikentje, een groen blaadje, een roze bloem:
wat een mooie kleuren buiten.
Welke vind jij het mooist? -
[naam],
weet je wat ik het liefste doe met Pasen?
Samen met jou aan tafel zitten
en luisteren naar alles wat je vertelt. -
Hallo [naam],
regent het met Pasen?
Dan maken we het binnen leuk
met eitjes zoeken onder stoelen en achter kussens! -
Fijn paasfeest!
Ik hoop dat er vandaag iemand met je meespeelt
en dat jij het spelletje mag kiezen. -
Dag [naam],
heb jij de paashaas al gezien?
Ik ook niet. Hij is vast heel snel!
Gelukkig laat hij eitjes achter. -
Lieve [naam],
voor mij hoef je geen eitjes te zoeken.
Jouw knuffel is mijn mooiste paascadeautje. -
Vrolijk Pasen!
Maak maar een mooi nestje van wat gras.
Wie weet ligt er straks een verrassing in. -
Hey [naam]!
Heb je alle paaseitjes geteld?
Tel ze straks nog eens.
Als er eentje weg is, weet jij vast waar het zit! -
Zalig Pasen, [naam]!
Ik wens je een dag met blije verrassingen
en een extra lang verhaaltje voor het slapengaan. -
Hoi [naam],
mag jij vandaag koekjes bakken?
Maak er eentje in de vorm van een ei.
Dan ruikt het hele huis naar Pasen! -
Een vrolijk paasfeest voor jou!
Ik hoop dat je een lammetje ziet in de wei.
Zo eentje dat gekke sprongetjes maakt! -
Hallo [naam],
heb je een mandje vol paaseitjes?
Kies er eentje voor iemand die je graag ziet.
Dat wordt een blije verrassing! -
Lieve [naam],
met Pasen mag je bij mij op schoot.
Dan bekijken we samen wat er in je mandje zit
en kies jij het eerste eitje. -
Prettig paasfeest, [naam]!
Ik hoop dat je vandaag zo hard moet lachen
dat je er de hik van krijgt. -
Zalig Pasen!
Als alle eitjes gevonden zijn,
verstoppen we ze gewoon nog eens.
Dan mag jij de plekjes kiezen!
Voor een collega
-
Beste [naam],
zalig Pasen!
Ik wens je een paar rustige dagen
met familie en vrienden. -
Beste [naam],
geniet van het paasweekend!
Laad je batterijen goed op,
dan zien we elkaar uitgerust terug. -
Zalig Pasen, [naam]!
Deze keer geen vraag over het werk,
alleen een welgemeende paasgroet. -
Dag [naam],
ik wens je een paasontbijt
waar je lekker lang aan kan blijven zitten. -
Hey [naam]!
Hopelijk staat er met Pasen vooral iets op je programma
waar je zelf veel zin in hebt. -
Fijne paasdagen!
Bedankt om altijd even mee te denken.
Dat maakt mijn werk een pak aangenamer. -
Hallo [naam],
ik hoop dat je met Pasen de wandelschoenen kan aantrekken
en onderweg nergens op tijd hoeft te zijn. -
Zalig Pasen!
De enige voorraad die je dit weekend in het oog hoeft te houden,
is die van de paaseitjes. -
Dag [naam],
we werken nog niet zo lang samen,
maar ik ben blij dat je erbij bent. Fijne paasdagen! -
Beste [naam],
ook al werken we niet meer samen,
ik wens je nog even graag een zalig paasfeest. -
Een fijne Pasen gewenst, [naam]!
Ik hoop dat de zon zich laat zien
en je een plekje op een terras vindt. -
Hoi [naam],
veel plezier met het eitjes zoeken thuis!
Hopelijk laten de kinderen er ook een paar voor jou liggen. -
Dag [naam],
voor jou geen vrij paasweekend dit jaar.
Ik wens je een vlotte dienst en daarna iets lekkers om van te genieten. -
Zalig Pasen, [naam]!
Ik hoop dat er tussen alle familiebezoeken door
ook een rustig uurtje voor jezelf overblijft. -
Fijne paasdagen!
Je hulp de voorbije weken deed deugd.
Daar wou ik je nog eens voor bedanken voor we Pasen vieren. -
Hey [naam],
ik wens je een paasweekend zonder wekker.
De koffie smaakt toch anders als je niet moet haasten. -
Beste [naam],
veel plezier met je paasplannen.
Ik hoor nadien graag hoe het geweest is. -
Zalig Pasen!
Hopelijk brengt de paashaas genoeg chocolade.
Op het werk delen we al genoeg. -
Dag [naam],
een paasgroet voor de collega
die zelfs op een drukke dag tijd maakt voor een vriendelijk woord. -
Hallo [naam],
maak er een mooi paasfeest van.
Ik wens je vooral goed gezelschap aan tafel. -
Fijne Pasen, [naam]!
Hopelijk is het weer goed genoeg om in de tuin te werken,
als je daar tenminste zin in hebt. -
Dag [naam],
met Pasen mag het werk even wachten.
Ik wens je tijd voor alles wat er de laatste weken bij inschoot. -
Een zalig paasfeest gewenst!
Fijn dat we ook op drukke momenten samen kunnen lachen.
Tot na het paasweekend! -
Hey [naam]!
Ik wens je een lekker paasmenu
en iemand anders die de afwas doet. -
Beste [naam],
een kleine paasgroet omdat ik onze samenwerking waardeer.
Geniet van deze dagen op jouw manier. -
Zalig Pasen, [naam]!
Hopelijk kan je eindelijk verder in dat boek
waar je anders nooit aan toekomt. -
Dag [naam],
ik wens je een vrolijk paasfeest
en een huis waar nog lang wordt nagepraat aan tafel. -
Fijne paasdagen!
Ook voor wie geen grote plannen heeft:
een dag wat rondlummelen kan heerlijk zijn. -
Hallo [naam],
we zien elkaar vooral op een scherm,
maar mijn paaswens voor jou is daarom niet minder warm. Zalig Pasen! -
Zalig Pasen!
Ik hoop dat je paaseitjes makkelijker te vinden zijn
dan een vrije vergaderzaal. -
Dag [naam],
Pasen leek me een mooi moment om te zeggen
dat ik veel van je leer. Bedankt daarvoor en geniet van het feest. -
Fijne Pasen, [naam]!
Ik wens je een mooie fietstocht
met een lekkere tussenstop en niet te veel tegenwind. -
Beste [naam],
ik weet dat je momenteel veel aan je hoofd hebt.
Ik hoop dat de paasdagen je wat rust brengen. -
Hey [naam],
hopelijk lukt het met Pasen om nog eens af te spreken
met iemand die je al te lang niet gezien hebt. -
Zalig Pasen!
Bedankt voor de fijne babbels tijdens de middagpauze.
Die doen me vaak meer deugd dan je denkt. -
Dag [naam],
veel plezier in de keuken met Pasen.
Ik hoop dat je zelf ook rustig mee aan tafel kan genieten. -
Een vrolijk paasfeest, [naam]!
Als er maandag nog chocolade over is, bewonder ik je zelfbeheersing.
Bij mij zou dat niet lukken. -
Beste [naam],
voor je aan je paasvakantie begint: geniet ervan!
Ik wens je mooie dagen en een behouden thuiskomst. -
Hoi [naam],
ik wens je met Pasen tijd voor je hobby,
zonder dat je tussendoor nog van alles moet regelen. -
Dag [naam],
fijn dat ik op je kan rekenen als het werk even tegenzit.
Ik wens je een zalig paasfeest, met mensen die er ook voor jou zijn.
Stijlvol
-
Lieve [naam],
graag wens ik je zalige paasdagen.
Moge deze lente je rust, licht en vernieuwing brengen. -
Beste [naam],
ik wens je een zalig paasfeest en alle tijd om ervan te genieten. -
Zalig Pasen, [naam].
Ik hoop dat er vandaag mensen aan je tafel zitten die je dierbaar zijn. -
Een mooi paasfeest gewenst.
Met aandacht voor elkaar en ruimte voor een goed gesprek. -
Dag [naam],
met Pasen denk ik met dankbaarheid aan onze vriendschap.
Ik wens je een bijzonder mooie dag. -
[naam],
ik wens je paasdagen die je goeddoen,
of je ze nu in gezelschap of in alle rust doorbrengt. -
Zalig Pasen.
Hopelijk brengt deze dag je de moed om met vertrouwen vooruit te kijken. -
Beste [naam],
laat het werk met Pasen even rusten.
Ik wens je een paar dagen helemaal voor jezelf. -
Een zalig paasfeest gewenst, [naam].
Ik hoop dat je je vandaag omringd voelt, ook door wie er niet bij kan zijn. -
Op deze paasmorgen wens ik je vrede in je hart
en vreugde in de kleine dingen. -
Lieve [naam],
ook vanop afstand vier ik in gedachten een beetje Pasen met jou. -
Zalig Pasen, [naam].
Geniet van de vertrouwde gebruiken die deze dag voor jou bijzonder maken. -
Ik wens je een mooi paasfeest,
met een lange wandeling en onderweg de tijd om de lente te zien. -
Dag [naam],
Pasen herinnert ons eraan dat een nieuw begin mogelijk is.
Ik wens je alle vertrouwen voor wat je tegemoetgaat. -
Een zalige Pasen gewenst.
Moge de boodschap van dit feest je geloof versterken en je hoop geven. -
[naam],
ik wens je een paasfeest zonder haast.
Een dag waarop niets dringend is en je rustig kan genieten. -
Met Pasen wens ik je veel goeds, [naam].
Vooral een goede gezondheid en mensen op wie je kan rekenen. -
Beste [naam],
een mooi paasweekend gewenst.
Hopelijk is er tijd om nog eens bij te praten met wie je al te lang niet zag. -
Zalig Pasen.
Ik wens je het plezier van een huis vol bezoek
en een tafel waar iedereen nog even blijft zitten. -
Lieve [naam],
ik hoop dat Pasen je een rustig moment brengt
om stil te staan bij wat jou gelukkig maakt. -
Een mooi paasfeest voor jou, [naam].
Dank je voor je zorg en aandacht, het hele jaar door. -
Zalig Pasen.
De tuin komt weer tot leven.
Ik wens je veel plezier in alles wat er groeit en bloeit. -
Dag [naam],
ik wens je een paasdag met muziek waar je van houdt,
iets lekkers en aangenaam gezelschap. -
[naam],
moge de vreugde van Pasen ook na vandaag bij je blijven. -
Voor Pasen wens ik je tijd met je familie.
Om herinneringen op te halen en er samen nieuwe te maken. -
Zalig Pasen, [naam].
Ik hoop dat deze dagen je nieuwe inspiratie geven
voor iets wat je al lang graag zou doen. -
Beste [naam],
ik wens je een vredig paasfeest.
Dat er naast het gemis ook plaats mag zijn voor een mooie herinnering. -
Een zalig paasfeest gewenst.
Met de ramen open voor de lente
en de deur open voor wie je graag ziet. -
Lieve [naam],
ik had je met Pasen graag bij mij gehad.
Deze kaart brengt je alvast mijn hartelijke wensen. -
Zalig Pasen.
Ik wens je een dag waarop je zelf eens wordt verwend
en met een gerust hart de zorg aan anderen kan overlaten. -
Dag [naam],
ik hoop dat je met plezier terugdenkt aan deze Pasen,
al was het maar om één onverwacht mooi moment. -
Een mooi paasweekend gewenst, [naam].
Geniet van een rustig ontbijt en een dag die nog helemaal voor je ligt. -
Met Pasen wens ik je de warmte van samen vieren.
Ieder met zijn eigen verhaal, allemaal welkom. -
[naam],
ik wens je een zalig paasfeest
en hoop je binnenkort weer te zien. -
Zalig Pasen.
Dat we ook op gewone dagen iets mogen bewaren
van de aandacht die we elkaar vandaag geven. -
Beste [naam],
ik wens je mooie paasdagen
en veel voldoening in wat je deze lente onderneemt. -
Een hartelijke paasgroet, [naam].
Ik hoop dat er tussen alle plannen door
ook tijd is voor dat boek dat op je ligt te wachten. -
Zalig Pasen.
Ik wens je een feest waarop jong en oud elkaar vinden
en iedereen zich thuis voelt. -
Lieve [naam],
de paasklokken klinken weer.
Ik wens je een gezegend feest en sterkte uit je geloof. -
Een mooi paasfeest gewenst.
Of de zon nu schijnt of niet,
ik hoop dat er vandaag veel is om blij mee te zijn.
Wat schrijf je op een paaskaart?
- Kies “zalig Pasen” als dat bij de ontvanger past, of “vrolijk Pasen” voor een luchtige groet.
- Verwijs naar iets wat jullie met Pasen doen, zoals samen ontbijten of eitjes verstoppen.
- Voor iemand met een moeilijk jaar achter de rug kan een wens voor rust beter passen dan een uitbundige feestgroet.
- Schrijf je aan kinderen, noem dan iets concreets zoals chocolade-eitjes of de zoektocht in de tuin.
